NavigatieZoeken |
StralingsnormenBelgië had al enkele jaren eigen blootstellingsnormen vastgelegd voor zgn. "radiofrequente elektromagnetische straling", dus straling veroorzaakt door gsm-masten en dergelijke. Deze masten mochten maximum 20 tot 30 V/m stralen. De federale overheid baseerde zich hiervoor op aanbevelingen van het ICNIRP en de Raad van de Europese Unie (in feite lagen de Belgische normen nog eens vier keer lager dan die aanbevelingen). Begin 2007 besliste het Brussels Gewest, toen nog niet bevoegd, om de norm te verlagen tot 3 V/m. Begin 2009 maakte het Grondwettelijk Hof middels een arrest duidelijk dat de bevoegdheid voor het opleggen van stralingsnormen bij de gewesten ligt. De Brusselse norm is daarmee grondwettelijk, en wordt van toepassing vanaf eind 2009. Ook de Vlaamse en Waalse overheden hebben zich in het debat gemengd. Vlaanderen verlaagt de limiet net als de Brusselse overheid tot 3 V/m, de Waalse overheid is iets minder streng en laat 3 V/m per antenne toe, dit komt neer op 5 tot 6,5 V/m. In het buitenland variëren de normen enigszins: in China (!), Italië, Rusland, Bulgarije, Polen en Zwiterland geldt de norm van 6 V/m (begin 2009). Een uitzondering hierop is Salzburg in Oostenrijk. Het maximale stralingsniveau is daar 0,06 V/m, maar het is niet duidelijk waarop die grens gebaseerd is. Buiten bellen is nog steeds mogelijk, maar binnen gebouwen en op plaatsen met veel gebouwen is het signaal te zwak om nog te bellen. |